Kun je als belegger vertrouwen op je intuïtie?

Mijn vorige stukje op deze site is al meer dan een half jaar oud. Je zult je misschien afvragen waarom ik zo lang niks van mij heb laten horen. Dat zit zo. Ruim een jaar geleden heb ik het plan opgevat om een tweede boek over beleggen te schrijven. Dat kost veel tijd. Naarmate dit werk vorderde nam het mij steeds meer in beslag. Op het laatst kon ik aan niks anders meer denken! Zodoende heb ik veel andere dingen laten liggen, waaronder stukjes schrijven op deze website.

Je weet natuurlijk van te voren nooit of het lukt om een boek te schrijven. En vooral niet of je genoeg materiaal bij elkaar kunt verzamelen om op te schrijven. Best moeilijk is dat. Wat ik in mijn tweede boek over beleggen schreef mocht van mijzelf verder geen herhaling zijn van wat er al in mijn eerste boek stond.

Ik kon het nieuwe boek dus niet over algemeen waardebeleggen schrijven, zoals mijn vorige boek. Ik besloot daarom dingen op te gaan schrijven over short gaan. Misschien kon ik daar een boek schrijven. Al snel merkte ik dat daar niet zoveel over bekend is. Er zijn wel heel veel short sellers maar er is niet veel “evidence based”, wetenschappelijk onderzochte informatie over short gaan.

Geen nood, al lezende was ik op een aantal andere interessante onderwerpen gestuit. De Amerikanen noemen die de zogenaamde “special situations”: zoals overnames, contingent value rights, spin-offs, etc. Eigenlijk zou je short gaan ook als een special situation kunnen zien. In deze special situations heb ik dus genoeg materiaal gevonden voor een nieuw boek over waardebeleggen.

En de ene speciale situatie gaf ideeën voor de andere. Zo ben ik erin geslaagd om veel speciale situaties over één kam te scheren. Deze situaties, zoals spin-offs, kunnen zowel vanaf de short kant als vanaf de long-kant benaderd worden.

Hoe gaat het schrijven van een boek überhaupt? Dat is natuurlijk voor iedereen verschillend. Maar ik begin dus met het lezen van andere boeken, websites en bedrijfsgegevens. Ik probeer vervolgens de eerste 20 bladzijden  te schrijven. Dat levert dan ideeën op voor de volgende 10-20 bladzijden. En zo gaat het in een tamelijk traag tempo door. Op een goed moment zat ik op ongeveer 120 bladzijden.

Daarna merkte ik dat het sneller ging. Ik legde verbanden tussen de verschillende onderwerpen. Het werd allemaal concreter en de eindstreep kwam in zicht wat mijn motivatie verbeterde. Ik kreeg gaandeweg een scherper oog voor wat er in mijn boek paste en wat niet. Tot op het laatste moment ben ik fantastische inzichten van anderen tegengekomen die ik vervolgens in mijn boek kon verwerken.

Toen ik ongeveer 150 bladzijden had besloot ik het uit te printen, en het vervolgens te corrigeren. Dat heb ik een aantal keren gedaan. Uiteindelijk kreeg ik zo een boek van ruim 230 bladzijden. Na grondige eindcorrectie heb ik dit boek uitgegeven.

Ik kan niet anders zeggen dat het de moeite waard is geweest. Van al die studie heb ik veel geleerd. Ook nu, na het uitgeven van mijn tweede boek lees ik nog steeds boeken om nog beter te worden in het beleggen. Zo heb ik net een zeer goed boek van Daniel Kahneman uit: Thinking, Fast and Slow.

In één van de hoofdstukken werd het begrip intuïtie besproken. Dit is eigenlijk een soort patroonherkenning door je onderbewustzijn. In sommige beroepen speelt dit volgens hem een grote rol. Hij noemt brandweerlieden, professionele schakers en anesthesisten. Dit zijn beroepen waar het toeval geen grote rol speelt en waarbij de professionals redelijk snel feedback krijgen. Fouten komen dus bijna altijd snel aan het licht. Goede beslissingen leiden bovendien bijna altijd tot een goede uitkomst.

Hij bespreekt ook intuïtie bij professionele beleggers. Beleggers krijgen bijna nooit snel feedback en bovendien speelt het toeval voor hen een grote rol. Beleggers worden continue op het verkeerde been gezet doordat ze vaak slechte weddenschappen winnen en goede weddenschappen verliezen. Zij kunnen dus niet zo makkelijk onbewust van hun ervaring leren en daarna op hun intuïtie vertrouwen!

Je leert beleggen dus niet door het alleen te doen en te leren van je ervaring. Tenminste je onderbewuste dat tuk op het ontdekken van patronen is leert er niks van. Veel beleggers proberen daarnaast bewust patronen te ontdekken. Zo van als dit gebeurt… dan gebeurt er misschien dat… en dan zeker dat… en dan moet de koers wel omhoog gaan. Ook dat is waarschijnlijk niet zo’n goede leermethode, tenzij deze redeneringen ondersteund worden door koersstatistieken over meer dan 20 jaar.

Hoe zorg je dan wel dat je resultaten verbeteren? Door te studeren op wat mensen gevoelsmatig niet zulke plezierige weddenschappen vinden. Door te studeren op de weddenschappen waar men te weinig voor betaalt dus. En door te zoeken naar statistisch bewijs voor die goede weddenschappen in de wetenschappelijke literatuur.

Dat doe je niet zozeer door kranten en websites te lezen, maar in de eerste plaats door boeken van experts te lezen. Deze boeken zijn veelal in het Engels, duur, voor de gemiddelde Nederlander lastig te lezen en dik. Daarom vat ik ze samen, in begrijpelijk Nederlands, zodat anderen er hun voordeel mee kunnen doen. Profiteer dus van mijn uitzoekwerk en koop mijn nieuwe boek:

Koop hier Beleggen in bull- en bearmarkten